Pak een kleurplaat uit de categorie Videospellen en begin met de achtergrond, niet met het hoofdpersonage. Juist bij game-scènes met felle actie en donkere sfeer bepaalt de volgorde van kleuren of je tekening rustig blijft of een rommeltje wordt. Hier lees je hoe je dat aanpakt.

Welke kleuren en materialen passen bij videospel-onderwerpen?

Videospellen vragen om contrast. Kies voor heldere, verzadigde kleuren voor personages en juist donkerdere of lichtere tinten voor de achtergrond, zodat de held eruit springt. Bij Zelda werkt bijvoorbeeld levendig groen voor de tuniek, maar een diep bosgroen of grijs voor schaduwen. Bij Overwatch helpen felle blauwen en oranjes om de actie te laten knallen, terwijl Fallout juist vraagt om verbleekte groenen en bruinen voor de post-apocalyptische sfeer.

Wat materiaal betreft: kleurpotlood is het beste voor fijne details zoals gezichten of logo’s, maar stiften geven die typisch felle game-kleuren. Combineer ze: gebruik stiften voor grote vlakken en potlood eroverheen voor textuur en schaduw. Wil je zachte overgangen, bijvoorbeeld bij een lucht of een energieveld, dan is wasco of het vervagen met potlood een goede keuze. Vermijd alleen dikke wasco op kleine onderdelen zoals ogen of knopjes – daar wordt het snel vlekkerig.

Waar moet je op letten bij game-specifieke details?

Elk spel heeft zijn eigen visuele taal. Een MegaMan heeft bijvoorbeeld een strak blauw pantser met duidelijke schaduwvlakken – kleur die vlakken niet allemaal hetzelfde blauw, maar gebruik een donkerder tint aan de onderkant. Bij Sonic Mania is de rode schoenen en blauwe stekels belangrijk, maar ook de gouden gespen en de witte handschoenen. Kleur die kleine onderdelen eerst, want als je later per ongeluk uitlijnt, kun je ze makkelijk bijwerken.

Let ook op lichtbronnen. In games komt licht vaak van boven of van een energiebron. Kijk naar de lijnen op de kleurplaat: als er al arceringen of patronen in staan, volg die dan. Bij Bewakers van de Melkweg bijvoorbeeld heeft Star-Lord een rode jas met zwarte accenten – kleur de jas niet helemaal rood, maar laat de schaduwzijde donkerder. Gebruik voor diepte de techniek uit schaduwen en diepte aanbrengen, maar onthoud: bij videospellen mag het contrast heftiger dan bij realistische tekeningen.

Stap-voor-stap: een typische actiepagina inkleuren

Neem een pagina met een personage in beweging, bijvoorbeeld uit Rocket League of Crash Bandicoot. Volg deze volgorde:

  1. Kleur de achtergrond eerst. Bij een race- of actiescène is de achtergrond vaak vaag of vol beweging. Gebruik lichte kleuren of juist donkere tinten, afhankelijk van de sfeer. Bij Ruimte Jam past een paarse of blauwe lucht met sterren, bij Monster Jager juist een donker bosgroen of grijs.
  2. Kleur de grote vlakken van het personage. Denk aan de romp, armen en benen. Gebruik de basiskleur, maar laat witte of lichtere plekken over voor highlights. Bij Kapitein Rex is dat bijvoorbeeld het witte pantser met blauwe accenten – kleur het pantser eerst wit of lichtgrijs, en voeg daarna pas de blauwe delen toe.
  3. Werk de details in. Dit zijn de ogen, logo’s, riemen, knopen en wapens. Gebruik een fijne stift of een scherp potlood. Bij Overwatch zijn de helmen en vizieren belangrijk – kleur die met grijs en een vleugje blauw voor glans.
  4. Voeg schaduwen toe. Kies een donkerdere variant van elke kleur en zet die aan de onderkant of aan de kant van de schaduw. Bij Zelda bijvoorbeeld: de groene tuniek krijgt een donkerder groen onder de riem en bij de mouwen. Dit geeft meteen diepte zonder extra lijnen.
  5. Controleer de randen. Ga met een zwarte of donkerbruine stift langs de buitenlijnen van het personage, maar alleen als de lijnen van de kleurplaat dun zijn. Dit maakt het geheel strakker en doet denken aan game-illustraties.

Welke pagina’s zijn het makkelijkst om mee te beginnen?

Begin met pagina’s met grote vlakken en weinig kleine onderdelen. Uit de categorie zijn dat bijvoorbeeld Nintendo Switch (de console zelf heeft weinig details), Prodigy (eenvoudige figuren) of Ratatouille (hoewel het geen actiespel is, hebben de figuren duidelijke kleurvlakken). Deze laten je wennen aan het kleuren binnen de lijnen en het kiezen van contrasten zonder dat je meteen een hele scene hoeft te overzien.

Zodra je meer zelfvertrouwen hebt, kun je uitdagendere pagina’s proberen zoals Stranger Things (veel donkere sferen en kleine objecten), YuGiOh (kaarten met veel details) of FNAF Beveiligingsdoorbraak (weinig kleur maar veel schaduw). Die vragen om geduld en een goed oog voor licht en donker.

Wat als je liever met stiften of digitaal werkt?

Stiften geven felle kleuren, maar ze vloeien sneller uit. Kies daarom altijd voor dikker papier, bijvoorbeeld 160 grams of meer, en leg er een extra blaadje onder als je op tafel werkt. Voor digitale kleurplaten kun je dezelfde stappen gebruiken, maar dan met lagen: zet de achtergrond op een aparte laag en het personage op een andere. Zo kun je makkelijk dingen aanpassen zonder opnieuw te beginnen. Gebruik voor digitale kleuren een grotere zachtheid van de penseel, maar houd de randen scherp.

Wie moet het anders aanpakken?

Als je jonger bent of snel ongeduldig, begin dan niet met een Fallout-pagina vol kleine radiatie-tekens of een MegaMan met honderd kleine paneeltjes. Kies in plaats daarvan voor Gitaar of Instrument – die hebben grotere vlakken en minder druk om precies te zijn. Ook als je kleurenblind bent, kun je beter niet vertrouwen op rood-groen contrasten; kies dan voor blauw-geel combinaties of gebruik een kleurenkaart om te zien wat bij elkaar past. En als je juist heel precies wilt werken, vermijd dan wasco – potlood of stift geven meer controle, zoals ook uitgelegd wordt bij potlood, stift of wasco.

Voor de rest geldt: kijk goed naar de kleurplaat, kies een beperkt palet (bijvoorbeeld drie of vier kleuren per onderdeel) en werk van groot naar klein. Zo wordt elke videospel-kleurplaat een episch meesterwerk – zonder dat je een gameheld hoeft te zijn. En als je meer inspiratie nodig hebt, kijk dan ook eens naar kleurplaten popcultuur of lees de tips over kleuren kiezen die bij elkaar passen. Veel kleurplezier!